|
Scholen zijn verplicht om invulling te geven aan de Wet Actief Burgerschap en Sociale Integratie.
U ziet in onderstaand overzicht aan welke aandachtspunten van deze wet de verschillende Kanjerboeken voldoen. De conclusie kan worden getrokken dat Kanjermethode als geheel nagenoeg volledig voldoet aan alle onderdelen van deze wet.
Informatie over de wet actief burgerschap en sociale integratie treft u aan op onderstaande websites: 1. http://www.leermiddelenplein.nl/php/detail.php?id=159115&trefwoord=1&search=kanjertraining&sortType=rijkheid&sortOrder=desc&numberOfResults=10&pageStart=1&edu_startRecord=1&tab=0&bc=kanjertraining&tr=4
2.Toezichtkader actief burgerschap en sociale integratie
Aandachtspunten waarop de Stichting Leerplan Ontwikkeling de Kanjertraining beoordeelt:
A. De Kanjertraining bevordert: I de sociale interactie; II de Kanjertraining nodigt uit tot kritische meningsvorming; III de Kanjertraining is gericht op ontwikkeling van eigen identiteit; IV activiteiten waarbij de buitenwereld wordt betrokken; V de Kanjertraining besteedt aandacht aan conflicthantering.
B. De Kanjertraining bevordert: A: Democratie B: Participatie C: Identiteit
Uitgesplitst naar Kanjerboeken:
Het Kleine Kanjerboek (Max vindt een dorpje)
Democratie: A1.1 Vrijheid van meningsuiting A1.2 Gelijkwaardigheid A1.3 Begrip voor Anderen A1.4 Verdraagzaamheid A2.1 Democratie in klas en school A3.2 Rechten en plichten
Participatie B1.3 Levensbeschouwelijke gemeenschappen B4.2 Solidariteit
Identiteit C1.1 Zelfbeeld C1.2 Eigen achtergrond C1.3 Imago C1.4 Groepsidentiteit C2.1 Geloof C2.2 Stromingen Christendom, Islam, Jodendom, Boeddhisme, Hindoeïsme, Humanisme C3.1 Etnische groepen in de samenleving C3.3 Integratie C4.1 Ik en de Ander C4.2 Verdraagzaamheid en tolerantie
De activiteiten behorend bij dit boek nodigen uit tot sociale interactie en voldoen aan criteria I, II, III en V
Max en de Vogel
Democratie A1.1 Vrijheid van meningsuiting A1.2 Gelijkwaardigheid A1.3 Begrip voor Anderen A1.4 Verdraagzaamheid A2.1 Meerderheid/minderheid
Participatie B1.3 Levensbeschouwelijke gemeenschappen B4.2 Solidariteit
Identiteit C1.1 Zelfbeeld C1.2 Eigen achtergrond C1.3 Imago C1.4 Groepsidentiteit C2.1 Geloof C2.2 Stromingen Christendom, Islam, Jodendom, Boeddhisme, Hindoeïsme, Humanisme C3.1 Etnische groepen in de samenleving C3.3 Integratie C4.1 Ik en de Ander C4.2 Verdraagzaamheid en tolerantie
De activiteiten behorend bij dit boek nodigen uit tot sociale interactie en voldoen aan criteria I, II, III en V
Max en de klas
Democratie A1.1 Vrijheid van meningsuiting A1.2 Gelijkwaardigheid A1.3 Begrip voor Anderen A1.4 Verdraagzaamheid A2.1 Democratie in klas en school A2.3 Landsbestuur A3.1 democratie in Nederland A3.2 Rechten en plichten
Participatie B1.1 Vrije tijdsbesteding B1.3 Levensbeschouwelijke gemeenschappen B4.2 Solidariteit
Identiteit C1.1 Zelfbeeld C1.2 Eigen achtergrond C1.3 Imago C1.4 Groepsidentiteit C2.1 Geloof C2.2 Stromingen Christendom, Islam, Jodendom, Boeddhisme, Hindoeïsme, Humanisme C3.1 Etnische groepen in de samenleving C3.3 Integratie C4.1 Ik en de Ander C4.2 Verdraagzaamheid en tolerantie
De activiteiten behorend bij dit boek nodigen uit tot sociale interactie en voldoen aan criteria I, II, III en V
Max en de zwerver
Democratie A1.1 Vrijheid van meningsuiting A1.2 Gelijkwaardigheid A1.3 Begrip voor Anderen A1.4 Verdraagzaamheid A2.1 Democratie in klas en school A3.2 Rechten en plichten
Participatie B1.1 Vrije tijdsbesteding B1.3 Levensbeschouwelijke gemeenschappen B1.4 Oriëntatie op maatschappelijke ondersteuning B2.1 Bewust consumeren, m.o.o. milieu, gezondheid en veiligheid. B2.3 Oriëntatie op sociale en collectieve voorzieningen B4.2 Solidariteit
Identiteit C1.1 Zelfbeeld C1.2 Eigen achtergrond C1.3 Imago C1.4 Groepsidentiteit C1.5 Formele identiteit en identificatie C2.1 Geloof C2.2 Stromingen Christendom, Islam, Jodendom, Boeddhisme, Hindoeïsme, Humanisme C3.1 Etnische groepen in de samenleving C3.3 Integratie C4.1 Ik en de Ander C4.2 Verdraagzaamheid en tolerantie
De activiteiten bij dit boek nodigen uit tot sociale interactie en voldoen aan criteria I, II, III, IV en V
Basisonderwijs: Werkboeken deel 1, 2 en 3 Voortgezet Onderwijs Deel A en deel B
Democratie A1.1 Vrijheid van meningsuiting A1.2 Gelijkwaardigheid A1.3 Begrip voor Anderen A1.4 Verdraagzaamheid A2.1 Democratie in klas en school A3.2 Rechten en plichten
Participatie B1.1 Vrije tijdsbesteding B1.3 Levensbeschouwelijke gemeenschappen B1.4 Oriëntatie op maatschappelijke ondersteuning B2.1 Bewust consumeren, m.o.o. milieu, gezondheid en veiligheid. B2.3 Oriëntatie op sociale en collectieve voorzieningen B4.2 Solidariteit
Identiteit C1.1 Zelfbeeld C1.2 Eigen achtergrond C1.3 Imago C1.4 Groepsidentiteit C1.5 Formele identiteit en identificatie C2.1 Geloof C2.2 Stromingen Christendom, Islam, Jodendom, Boeddhisme, Hindoeïsme, Humanisme C3.1 Etnische groepen in de samenleving C3.3 Integratie C4.1 Ik en de Ander C4.2 Verdraagzaamheid en tolerantie
De activiteiten nodigen uit tot sociale interactie en voldoen aan criteria I, II, III, IV en V
Werkboek Deel III heeft in aanvulling op bovenstaand aandacht voor
B1.2 Vrijwilligerswerk B3.2 Publiek debat B4.1 Goede doelen
Belangrijke Kanjerthema’s:
1. daders en slachtoffers; 2. straatcultuur en cultuur van wederzijds respect: 3. zelfbeheersing; 4. respectvol gedrag; 5. “Nee” durven zeggen tegen “vrienden”; 6. bewust besluiten niet mee te doen met narigheid; 7. het inhoud geven aan de vijf kanjerregels “we vertrouwen elkaar, we helpen elkaar, we lachen elkaar niet uit, je speelt niet de baas en je doet niet zielig”; 8. ouders worden actief betrokken en daarmee de culturele achtergrond van het kind;
Wilt u informatie over uitgebreide informatie over de Kanjertraining, bezoek dan onze website, www.kanjertraining.nl. Wilt u informatie over wetenschappelijk onderzoek, klik dan op de button wetenschappelijk onderzoek die u aantreft op onze website.
Trainingsdoelen Doel van de Kanjertraining op school is de sfeer in de klas goed te houden (preventief), of te verbeteren (curatief). Wordt de lessenreeks curatief gegeven, dan is de verwachting dat bij een goede uitvoering van de lessenreeks de leerlingen een betere band hebben gekregen met elkaar/met de leerkracht en zich prettiger voelen in de klas. Subdoelen zijn: -bevordering van vertrouwen en veiligheid in de klas; -versterking van sociale vaardigheden bij de leerlingen -beheersing door leerlingen van verschillende oplossingsstrategieën in conflicten. (Ook mediation) -bewustwording van eigenheid bij de leerlingen: Ik doe mij niet anders voor dan ik werkelijk ben. -verantwoordelijkheid nemen - bevordering actief burgerschap en sociale integratie
De training heeft niet als doel kinderen braaf te krijgen. Het is een trainingsprogramma waarin veel ruimte is voor de autonomie van het kind. De ervaring leert dat nagenoeg alle kinderen (een zeldzame uitzondering daargelaten) zich autonoom en authentiek wil ontwikkelen op een positieve manier. Daarbij is niet alleen een goede pedagogische relatie met de leerkracht een vereiste, maar ook een veilige sfeer in de klas, zodat de kinderen tot hun recht kunnen komen.
Voorbeeld 1 (afkomstig uit kanjerwerkboek Deel B, Voortgezet Onderwijs)

De Kanjertraining is van mening dat je mag zijn wie je bent, maar dat een ieder die woonachtig is in Nederland zich moet houden aan de uitgangspunten van de Nederlandse grondwet. Daarom hieronder de Nederlandse grondwet in eenvoudige taal weergegeven. Artikel 1. Iedereen in Nederland is gelijk. Daarom mag je niet discrimineren. Bijvoorbeeld omdat hij of zij een andere godsdienst of mening heeft dan jij. Ook mag je geen onderscheid maken op basis van geslacht of huidskleur. Artikel 2 In de wet staat beschreven wie een Nederlander is en wie niet. Hierin kun je ook lezen wanneer een vreemdeling wel of niet mag blijven. In dit artikel staat ook dat iemand die een misdrijf heeft gepleegd in een ander land niet altijd uitgeleverd worden aan dat land. Dit kan alleen als er een verdrag is. Het artikel zegt ook iets over je bewegingsvrijheid. Iedereen mag in de meeste gevallen gewoon Nederland verlaten. Artikel 3 Dit artikel zegt iets meer over artikel 1. Hierin staat dat alle Nederlanders een openbare functie mogen vervullen. Zoals burgemeester of Tweede Kamerlid. Artikel 4 Artikel vier gaat door op artikel drie. Iedere Nederlander mag mensen in vertegenwoordigende organen kiezen. Dit betekent dat je op een bepaalde politieke partij mag stemmen bij bijvoorbeeld de gemeenteraads- en de Tweede Kamerverkiezingen. Dit artikel zegt ook dat je zelf verkozen mag worden. Artikel 5 Iedereen in Nederland mag zijn ideeën kenbaar maken aan de regering. Dit heet met een moeilijk woord het petitierecht. Burgers of een groep burgers kunnen door een plan te maken invloed proberen te krijgen op de regering. Om aandacht voor het plan te vragen worden vaak veel handtekeningen opgehaald. Artikel 6 Iedereen in Nederland mag geloven wat hij of zij wilt. Hierbij hoort ook alles wat er bij hoort, tenzij het dingen zijn die niet mogen van de wet. Om er voor te zorgen er geen gevaar voor je gezondheid, in het verkeer of rellen ontstaan, mag de regering hiervoor extra regels opstellen. Maar dat kan alleen buiten gebouwen en besloten plaatsen. Artikel 7 De vrijheid van meningsuiting is erg belangrijk. Daarom mag iedereen via de ‘drukpers’ laten horen wat hij of zij vindt. Hierbij moet je er wel rekening mee houden dat je geen dingen mag doen die niet van de wet mogen. Er bestaan regels voor de radio en de televisie, maar de regering zal niet van te voren iets verbieden. Om kinderen onder de zestien te beschermen mogen ze sommige programma’s nog niet bekijken. Dit gebeurt met de Kijkwijzer. Aan het logo kun je zien of je al oud genoeg bent om dit te kunnen bekijken. Artikel 8 Iedereen mag een vereniging oprichten. Maar als het hierdoor onveilig wordt op straat, mag de regering dit veranderen. Artikel 9 Je mag met elkaar overleggen. Of actievoeren als je het ergens niet mee eens bent. Let hierbij wel op dat je je aan de wet houdt en geen dingen gaat slopen bijvoorbeeld. Om het verkeer te regelen en de veiligheid te garanderen mag de regering wel extra regels opstellen voor vergaderingen en protesten. Artikel 10 Iedereen mag leven op de manier die hij of zij wilt. Toch moet je jezelf hierbij wel aan de wet houden. In de wet staat dat niet iedereen zomaar jouw gegevens mag opvragen en gebruiken.
|