| Testimonial |
|
Over een Kanjerschool gesproken…”doe maar normaal, dan ben je een Kanjer”.Burg. Sigmondschool Werkendam.
4 december 2007, ik lijk wel Sinterklaas. Buiten word ik al opgewacht en ik krijg een warm onthaal. Eenmaal binnen valt m’n mond open. Ik wist al wel van een collega dat dit een echte Kanjerschool is, maar dat zelfs de vloeren dit zouden ‘uitstralen’!!! Meteen al als je binnenkomt weet je dat deze leerlingen gewoon en vertrouwd zijn met de Kanjerregels. (foto’s) Een interview met de directeur Dick Slijkoort. Ik hoef eigenlijk niets te vragen, hij vertelt zelf trots en enthousiast hoe deze school met de Kanjer is begonnen en hoe ze daar nu tot op de dag mee omgaan. Schooljaar 2001-2002 wordt dit team (destijds 8 personen) getraind door Gerard Weide van het Kanjerinstituut uit Almere; 2 dagen van heel hard werken om vervolgens uitgeput het weekend in te gaan. De school gaat van start en doet z’n eerste ervaringen op. Het team raakt nog meer enthousiast. De 5 basisregels:
sluiten perfect aan bij de visie van de school. Eenvoudige en heldere regels die allesomvattend zijn en die zelfs voor de kleuters alsook ouders een duidelijk houvast bieden. Les 4 het thema leren nee te zeggen, wordt door de kleuters vertaald met: “Stop en hou op”. Wanneer een ‘pestvogel’ dan toch nog doorgaat, weten de leerlingen dat ze om hulp kunnen vragen bij de leerkracht. Dick vertelt verder…. De Kanjermethode is NIET het verzorgen van de 10 thema’s of lesjes. Elke dag opnieuw biedt kansen om als kanjers met elkaar om te gaan. Het ‘kanjeren’ staat wekelijks op het rooster en wordt grotendeels gelijkertijd door alle groepen heen op hetzelfde moment gedaan. Een Kanjermoment. Het gaat volgens Dick om de leefwijze, de essentie van dit gedachtegoed. In ons alledaagse werk willen we elkaar kunnen vertrouwen en helpen, dit geldt voor leerlingen maar ook als collega’s onder elkaar. De Kanjermethode leert ons in onze eigen spiegel te kijken maar ook te kijken naar elkaar en de verschillen te respecteren. Je moet een Kanjer willen zijn, anders zou het alleen maar een trucje zijn en is het beter er niet aan te beginnen. “Er is geen koe zo bont of er zit wel een vlekje aan; toch hebben we hier een leuke kudde”. Deze levenshouding maakt dat die breed toepasbaar is, zowel in de onderlinge contacten alsook in de contacten met ouders. Ouders, althans sommigen, die in het begin sceptisch waren, zij vonden het allemaal ‘soft’ reageren nu ook enthousiast. “Als mijn kind getreiterd wordt, mag die van mij eens flink hard terugmeppen”. De leerlingen hebben inmiddels geleerd dit goedbedoelde advies van hun ouders niet op te volgen maar de pester te vragen te stoppen; leerlingen helpen elkaar. Nu, zo vertelt Dick, helpen ouders mee. Bij de verhuizing naar deze locatie hebben ouders hun mouwen opgestropt en zijn mee gaan helpen om de overgang voor de leerlingen zo vertrouwd mogelijk te maken. De huisarts naast de loodgieter, beiden bereid om met humor en goede zin de school te kleuren. Een andere manier van de olievlek die het werken met de Kanjer met zich meebrengt is het verhaal van een moeder die vertelt over haar kleuter: “Ik krijg een ander kind thuis en het ruziepotten met het tweelingzusje is zowat voorbij”. Moeder past nu zelf ook de 5 basisregels van de Kanjer toe. Onze school staat voor veilig, adaptief en uitdagend onderwijs; de Kanjer manier van leven maakt dat we dit ook gestalte kunnen geven, aldus Dick en hij vertelt me dat hij graag zou willen dat de Kanjer integraal ingevoerd wordt binnen de 4 scholen van dit bestuur. “Wij willen een Kanjerschool zijn”, de olievlek mag verder. Voordat ik in de diverse groepen mag kijken wordt eerst nog ons gesprek afgesloten met het voorlezen van een stukje uit het inspectierapport: ‘De inspecteur concludeert dat, mede door de Kanjermethode, het schoolklimaat een sterk punt vormt. Dit totaalbeeld is reden voor een compliment aan het team alsook aan de leerlingen’. Ik kom binnen in groep 8 waar de leerkracht met zijn leerlingen praat. Hij vraagt aan de leerlingen wat te doen wanneer ze uitgescholden worden. In deze groep zit een leerling waarvan bekend is dat die nogal een kort lontje heeft en de leerkracht complimenteert hem met het feit dat hij hier beter mee omgaat. Het principe van het elkaar tips geven, is nu duidelijk merkbaar. Een medeleerling geeft de tip om het schelden te negeren en weg te lopen naar vrienden en vriendinnen. Wanneer de pester toch nog doorgaat, dan kun je om hulp vragen. De leerkracht gaat er nog verder op in door te praten over wat je van te voren kunt doen, wat voor mogelijkheden je hebt om dit treitergedrag te voorkomen. De thema’s uit de lessen 4 en 5 krijgen een praktische vertaalslag en worden herkenbaar voor de leerlingen. In groep 6 mag ik meemaken hoe de leerkracht de leerlingen uitnodigt elkaar te helpen. (foto kast met de regels er op)De leerlingen zitten in de binnen- en buitenkring ( vertrouwd maken met oogcontact maken, vlinder en molvragen leren te stellen, en bovenal leren goed te luisteren) en de juf geeft hen een opdracht die door één van de leerlingen niet goed wordt begrepen. Een van de leerlingen mag deze leerling op weg helpen. Bij de kleuters ben ik getuige hoe de juf met haar knieboek en de handpoppen op schoot de kinderen meeneemt in het dorp van Max. Hier hoor ik hoe kleuters omgaan met pesten. “Stop en hou op” roept een kleuter voldaan op de vraag wat het pestvogeltje in het dorp van Max moet doen. (foto van de juf met haar handpoppen) Een middag zomaar op een school. Een kijkje nemen in de kanjerpraktijk. Ik train nu al ruim 4 jaar en het is zo motiverend en inspirerend voor mij geweest om te zien hoe de Kanjer niet alleen maar lesjes zijn, maar een wezenlijk onderdeel vormt van een levenshouding waarin normaal doen, heel normaal wordt. Met dank aan Dick en zijn kanjerteam. 4 december 2007, José Raves, Edux Onderwijsadviseurs. ...........................................................................................
Een ander voorbeeld:
Ik heb ongeveer 15 jaar onderwijservaring in verschillende groepen en scholen. Over het algemeen heb ik weinig ordeproblemen gehad.
Op de school waar ik nu werk werden de lessen uit het Kanjerblok gegeven. Ik had al eerder van de aanpak gehoord, zoals die is ontwikkeld door het Instituut voor Kanjertrainingen, en had bij een buurmeisje de resultaten gezien. In november vorig jaar werd ik gevraagd om een combinatiegroep 5/6 over te nemen van een collega. Ik ben na de kerstvakantie, in januari begonnen.
In de groep die ik overnam waren enorme verschillen. Een aantal kinderen miste hun oude juf. Anderen hadden zoiets van: we hebben er één weggepest, kijken of dat ook met de volgende lukt. De kinderen deden precies waar ze zelf zin in hadden, ze schreeuwden naar elkaar en door elkaar. Er werd enorm gescholden en gepest, er werd regelmatig gevochten. De kinderen liepen door de klas wanneer ze maar wilden. De vorige juf gaf wel les, maar weinigen konden de lessen volgen door alle onrust. Gym werd nauwelijks gegeven omdat het daar helemaal fout ging. Ouders hadden/kregen onderling ruzies en gaven alles en iedereen de schuld. Veel kinderen hadden nachtmerries, wilden niet meer naar school, plasten weer in hun bed. Bovendien was er een leerachterstand en waren de leerprestaties onder het gemiddelde niveau in vergelijking met de andere 4 groepen 5/6. Kortom: er waren dagelijks huilpartijen en ruzies in de klas. Toen ik begon in deze groep had ik inmiddels veel vertrouwen in de handvatten die de Kanjertraining mij geboden had. Maar helemaal zeker voelde ik mij niet en probeerde het daarom toch op mijn oude vertrouwde manier. Ik ging hard aan het werk, maar de sfeer was niet leuk. Vijandig, onbetrouwbaar, bij ruzies gaf nooit iemand toe en maakte niemand het goed, er was veel haat en nijd. Na een maand kwamen er boze ouders; ze hadden verwacht dat alles nu goed zou lopen. Toen is in overleg met de schoolleiding besloten dat ik de Kanjertraining in deze groep zou geven, samen met een collega. Ik deed dat onder supervisie van het Instituut voor Kanjertrainingen.
Op de eerste ouderavond waren veel ouders aanwezig met al hun frustraties over de afgelopen periode. Ze waren zeer sceptisch over de mogelijke resultaten van de Kanjertraining. Nadat we de eerste lessen hadden uitgelegd en wat oefeningen met ze hadden gedaan, waren ze al wat geruster.
Daarna ben ik met de kinderen begonnen. Vanaf les 1 vonden ze het heel leuk en ook heel bruikbaar. We konden er direct dagelijks gebruik van maken. Bij les 5 en 6 mochten de ouders meedoen. Hier werd dankbaar gebruik van gemaakt en zowel de ouders als de kinderen waren erg positief. Na les 6 kwam de tweede ouderavond; hier kwamen beduidend minder ouders omdat ze vonden dat het nu wel goed ging. Na les 7 verbeterde de situatie in de klas enorm. Er kwam rust en de kinderen wisten waar ze aan toe waren. Nu lossen we de problemen op de Kanjermanier op; we luisteren naar elkaar. De kinderen hebben mij al meestal niet meer nodig bij het oplossen van hun problemen. Ik gebruik de lessen uit het Kanjerblok dagelijks. Het geeft mijzelf en de kinderen handvatten om goed met elkaar om te gaan. De achterstand is nu bijna ingelopen. De leerprestaties gaan vooruit en de kinderen gaan weer met plezier naar school. Toch is hiermee niet alles opgelost; vrije leermomenten blijven risicovol. De kinderen zijn nog steeds licht ontvlambaar. Na zo’n terugval geven wij elkaar tips om deze situatie niet meer mee te maken. Ze doen hier heel goed aan mee. Ook praten wij onderling als leerkrachten veel over klassensituaties en geven wij elkaar tips. Doordat deze manier van aanpakken werkt, lossen wij vanaf de kleuters tot en met groep 8 conflicten op dezelfde wijze op. Je voelt je als leerkracht niet meer wanhopig en angstig bij moeilijke groepen. De kanjertraining wordt nu standaard gegeven op onze school. Daar zijn wij heel blij mee. |
